Gepubliceerd op 12 februari 2009

Waar is de mammoet gebleven?

door UvA ecoloog dr. Bas van Geel

Dr. Bas van Geel

Tekst: Edda  Heinsman
Fotografie: Hanne Nijhuis

Het publiek weet al heel wat over mammoeten; ze lijken op olifanten maar zijn niet helemaal hetzelfde. Ze hebben een andere kleur, lange haren en sommige mammoetsoorten zijn groter. Ook hebben ze hele lange slachttanden, ‘krulliger slagtanden' weet een jongetje. ‘En ze leefden in een ander tijdperk, in de ijstijd', weet een ander. Op het scherm verschijnt een afbeelding van een mammoet. ‘Waarom zouden ze van die kleine oren gehad hebben?', vraagt de ecoloog. ‘Ze droegen al zoveel gewicht mee', denkt een meisje. Maar het was vooral vanwege de kou; als mammoeten net als olifanten enorme oren hadden, zouden die veel te makkelijk bevriezen.

Haar van een twintigduizend jaar oude mammoet.

Mammoet aaien

Hoe weten we waar de mammoeten leefden? Van Geel toont een plattegrond van de aarde. Vooral in de noordelijke gebieden van Azië, Noord Europa en Noord Amerika zaten de mammoeten. Bijvoorbeeld in Siberië in Rusland. Onderzoekers vonden daar hele skeletten maar geen slagtanden, die waren weggeroofd omdat ivoor veel geld waard is. Op het scherm zien we foto's van resten van een mammoet: een hele gave poot, die is bevroren geweest. Maar de slurf is wat minder goed bewaard, die stak waarschijnlijk boven de grond uit. Verder was de mammoet goed geconserveerd, zelfs de darmen zaten er nog in. En hoe goed je mammoeten kunt bewaren als je ze invriest bewijst de ecoloog niet alleen met foto's, hij heeft echt mammoethaar meegenomen! Alle kinderen mogen het haar van de twintigduizendjarige mammoet aaien.

Ook in Nederland leefden ooit mammoeten. Tijdens de ijstijden was het zo koud dat al het water uit de Noordzee als een dik pak ijs op het land was neergesneeuwd. Er lag dus geen water in de zee en je kon zo van Nederland naar Engeland lopen, en dat deden de mammoeten dus ook.  Van Geel toont een foto van een vissersboot, in het net zitten niet alleen allemaal krabbetjes en vissen, maar ook een heel groot bot. Van Geel heeft er een meegenomen en iedereen mag het echte mammoetbot aanraken. Sommigen vinden dat het bot stinkt, maar Van Geel vertelt dat het niet het bot is, maar wat het wel is, daar komen we zo op...

De kies van een mammoet.

Poep op tafel

Wat eten de mammoeten eigenlijk? ‘Groenten?', denkt iemand, en dat klopt, mammoeten eten planten, vooral veel gras. Maar hoe weten we nou wat ze precies aten? Door in de maag en darmen te kijken, weet een jongetje. En dat klopt, in de darmen van de diepgevroren mammoet zat nog mammoetenpoep. En jahoor, daar zet Van Geel een grote bak poep op tafel. Dat was dus verantwoordelijk voor die stank! Alle kinderen krijgen een klein potje poep en een loepje. Gelukkig mogen de bakjes dichtblijven. Zo doe je dat als bioloog', zegt Van Geel terwijl hij de poep van dichtbij bekijkt ‘en zo kom je er precies achter wat de olifant heeft gegeten. En dat kun je natuurlijk ook doen met mammoetpoep.'

‘Je kan het ook aan zijn tanden zien', weet een kindje uit het publiek. ‘Heel goed', zegt Van Geel, roofdieren hebben scherpe tanden en knipkiezen om hun prooi mee te verscheuren. Mammoets hebben maalkiezen, net als de olifanten.

Wat zit er in de poep van een olifant?

Wat zien de kinderen in de verse olifantenpoep? Gras, precies wat hij van zijn verzorgers kreeg. En de mammoeten aten ongeveer hetzelfde. Van Geel laat zien wat de diepgevroren mammoet had gegeten, met een pincet haal je de poep voorzichtig uit elkaar en onder de microscoop zie je wat het is: hele kleine wilgentakjes. In die tijd was het zo koud dat alleen kleine wilgensoorten voorkwamen die goed tegen koude omstandigheden kunnen. Van Geel legt uit dat de mammoet niet zo goed heeft kunnen kauwen, zijn ribbelige kiezen waren helemaal afgesleten. En dat zie je want de takjes zijn niet platgekauwd. Als je niet goed kan kauwen omdat je kiezen helemaal glad zijn, kun je het eten niet goed verteren en ga je dood. Deze mammoet is dus waarschijnlijk doodgegaan van de honger. Niet omdat er te weinig voedsel was, maar omdat hij het niet kon verteren.

Quiz met vragen over de temperatuur in gebieden op foto's die de spreker heeft meegenomen.

Stuifmeelkorrels

We weten nu wat de mammoeten aten, maar hoe zag hun leefgebied er uit? Tijd voor een quiz over de omgeving. Van Geel laat verschillende landschappen zien: een gletsjer, een bos, een woestijn, een besneeuwde bergtop enzovoorts. De kinderen houden een kaartje omhoog met de juiste temperatuur. Soms zitten er strikvragen bij, want het gaat om de zomertemperatuur. Na alle vragen is het wel duidelijk: de begroeiing zegt iets over de hoogte van de temperatuur.

Om iets te weten te komen over het klimaat vroeger, onderzoeken biologen daarom de verschillende lagen van de bodem waar ze plantenresten en stuifmeelkorrels tegenkomen. Van Geel doet voor hoe hij met een grote boor met een opvangbakje monsters uit de bodem haalt. Je kunt goed zien dat het monster uit allemaal laagjes bestaat. Door goed naar het monster te kijken komen ze precies te weten welke planten er wanneer groeiden. En welke planten er groeiden zegt weer iets over de temperatuur. Uit de boorkern blijkt dat lange koude en warme periodes elkaar afwisselden. ‘Nu is het warm, maar ooit wordt het weer een ijstijd', zegt Van Geel.

Terug naar de poep. In de poep zitten allemaal blaadjes en takjes verstopt, en ook stuifmeelkorrels. Daaraan kun je dus precies zien welke planten er groeiden toen de mammoet leefde. In zijn poep zaten bijvoorbeeld artemisia, jakobsladder en gras maar geen stuifmeelkorrels van echte bomen. Van Geel weet dat dit duidt op een koud droog klimaat. De mammoet leefde in een steppelandschap.

In een bodemmonster zitten veel plantenresten en stuifmeelkorrels, die voor biologen een indicatie vormen voor het klimaat vroeger.
Waarom zijn die mammoeten nou overleden? Misschien werd het te warm, oppert iemand. En dat was op zich wel zo volgens Van Geel. Dat weet hij dankzij de boorkernen. Maar het werd vooral ook natter, waardoor er in de winter meer sneeuw lag en het voor de mammoeten lastiger was om bij de lekkere takjes te komen. Toch zouden ze dat nog wel kunnen overleven, want ook in de voorgaande natte en warme periodes waren ze niet uitgestorven. Wat was dan wel de oorzaak?

Grottekeningen van die tijd geven wel een aanwijzing. Mensen tekenden precies wat ze deden. Ze gingen op jacht; jaagden op bizons, op herten én op mammoeten. Ze maakten valkuilen op het pad waar de mammoeten langstrokken en met hun speren maakten ze de beesten af. Ze gebruikten alles van de mammoeten, de vacht voor lekkere warme kleren, het vlees om te eten en de botten voor wapens en om hutten te bouwen.

Op één plek, het eiland Wrangel, leefden de mammoeten echter nog tot vierduizend jaar geleden. Hoe kon het dat ze daar nog niet waren uitgestorven? ‘Er waren geen mensen' weet een slimmerik uit het publiek. ‘Waarom zijn ze daar dan toch verdwenen?', vraagt een meisje. ‘Omdat er maar een kleine groep mammoeten leefden op het eiland, is de soort waarschijnlijk steeds zwakker geworden.', zegt Van Geel. Maar om dat uit te leggen, zou je een extra lezing over genetica nodig hebben.

Bron: Wakker Worden Kinderlezing