Gepubliceerd op 27 september 2004

Verslag kinderlezing 'Hoe werkt je geheugen?'

Uit: Het Parool, 27 september 2004, door Margriet van der Heijden

Hoe werkt het geheugen? Dat was de vraag gisteren tijdens een drukbezochte Wakker Worden-kinderdoelezing, georganiseerd door Nemo en de Universiteit van Amsterdam in samenwerking met Het Parool.

Hoogleraar Jaap Murre van de UvA had voor de bijna vijftig kinderen in Nemo een goede truc om bijvoorbeeld een rijtje van tien woorden te onthouden. Een truc die de oude Grieken meer dan tweeduizend jaar geleden trouwens ook al kenden: Loop in gedachten langs de route die je elke dag aflegt van huis naar school (of naar je werk) en zet op elk belangrijk punt een woord.

Dus bijvoorbeeld: als je de deur uitkomt staat een zwijn euro's in de parkeerautomaat te gooien, op de kruising raast een rode auto voorbij en bij de bakker wordt een kozijn geverfd. Even later blijkt dat de bus is opgeknapt: met behang en stenen bankjes, en zo verder... Door zo'n route in te prenten, kun je uren later nog de woorden zwijn, auto, kozijn, behang en steen oproepen.

De truc was het sluitstuk van een lezing over de werking van het geheugen. Het begon met de vraag wat er allemaal in het geheugen terecht komt. "Alleen dingen waaraan je aandacht hebt geschonken," zei Murre. Dingen die je hebt opgemerkt.

En mensen merken lang niet alles op, moesten heel wat kinderen besmuikt toegeven. Zij hadden niet gezien dat de mevrouw die voorafgaand aan de lezing een geheugentestje afnam, eigenlijk uit twee mevrouwen bestond. Halverwege het testje waren de twee vrouwen steeds onopvallend van plaats gewisseld. Maar hoewel de ene mevrouw een kop groter was dan de andere, was die wisseltruc veel kinderen niet opgevallen.

"Niets om je voor te schamen," zei Murre. "Ook als je zo'n testje doet bij de slimste studenten van Amerika, in Harvard, heeft een derde deel van hen niets in de gaten."

Maar zelfs als je iets wel hebt opgemerkt, vergeet je het vaak weer snel. Iemand stelt zich voor, begint een praatje en even later vraag je je af wat zijn naam ook al weer was.

Misschien is het maar goed ook dat we zo veel vergeten, ook al is er in ons brein genoeg ruimte om iedere dag een CD-rom vol herinneringen weg te schrijven. Want de Rus die wel een feilloos geheugen had en alles onthield - van willekeurige nummerborden tot en met wat hij drie jaar eerder op 1 mei at - ervoer dat vermoedelijk als 'een vloek', zoals een van de kinderen zei.

Zaken die je wel opmerkt èn onthoudt, komen eerst terecht in ons 'werkgeheugen', legde Murre vervolgens uit. Dat zit in een stukje brein achter het oor. Hippocampus (zeepaardje) wordt het genoemd. Als de hippocampus overvol dreigt te raken en de herinneringen belangrijk zijn, worden ze tijdens de slaap overgeschreven naar andere delen van het brein.

Daar worden ze vastgelegd in zenuwcellen die via lange uitlopers met elkaar verbonden zijn. Hoe vaker de zenuwcellen via die vertakkingen naar elkaar vuren, hoe sterker de verbindingen worden. En des te steviger een herinnering in het netwerk van zenuwcellen verankerd wordt.

"O ja," vroeg Murre na nog meer toelichting en een paar proefjes. "Hoe heette ook al weer dat werkgeheugen?" "Iets met inktvis?", klonk het uit de zaal.

Op zondag 24 oktober worden twee eerdere lezingen herhaald. Om elf uur gaat het over dna, om 13 uur over bliksem. 

Bron: Afdeling communicatie FNWI